1. Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking tot:
a. kampeermiddelen op vaste standplaatsen en seizoenplaatsen bepaald op 2,4 personen;
b. kampeermiddelen op volgtijdige standplaatsen bepaald op de som van het aantal
kampeermiddelen vermenigvuldigd met 2,4;
2. Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen is overnacht wordt bepaald
op:
a. ingeval verblijf wordt gehouden in kampeermiddelen op vaste standplaatsen en seizoenplaatsen:
48 per belasting¬jaar;
b. ingeval verblijf wordt gehouden in kampeermiddelen op volgtijdige standplaatsen:
365 per belastingjaar.
3. Het aantal mobiele kampeeronderkomens als bedoeld in het eerste lid, letter b, wordt
vastgesteld op het gemiddelde van een zestal tellingen gedurende het belastingjaar, waarbij
iedere telling valt binnen een afzonderlijke periode van twee maanden.
Artikel 6
Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing
Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van toeristenbelasting 2021