Voor het verstrekken van leningen en garanties uit hoofde van de publieke taak gelden de volgende specifieke uitgangspunten en richtlijnen:
het verstrekken van leningen en garanties is voorbehouden aan het College;
leningen en garanties worden uitsluitend verstrekt uit hoofde van de publieke taak;
leningen worden verstrekt op basis van een door de gemeenteraad vastgestelde verordening. Garanties worden verstrekt aan rechtspersonen, aan natuurlijke personen is niet toegestaan;
leningen en garanties kunnen alleen worden verstrekt indien de aanvrager onvoldoende zekerheden heeft om via een geldverstrekker een geldlening zonder gemeentegarantie aan te trekken. Dit dient te worden aangetoond middels tenminste 2 offertes of bankverklaringen van commerciële banken;
de aanvrager zal, gelet op haar financiële positie, in staat zijn gedurende de gehele looptijd van de lening en garantie de rente en aflossing te kunnen betalen;
de aanvrager kan slechts deels een beroep doen op een waarborgfonds of een andere financieringsregeling. De gemeente mag maximaal voor het resterende deel een lening of garantie verstrekken;
de aanvrager gaat akkoord met (aanvullende) door de gemeente te stellen voorwaarden (bijvoorbeeld zekerheden);
de leningsvoorwaarden moeten vallen binnen de bepalingen van de wet Fido;
staatssteun middels het verlenen van een lening en garantie is niet toegestaan;
het verstrekken van leningen en garanties afwijkend van het hierboven vermelde, is voorbehouden aan de gemeenteraad van de gemeente Krimpenerwaard.
Voor uitzettingen uit hoofde van de treasuryfunctie gelden de volgende uitgangspunten:
Alle overtollige liquide middelen (boven het drempelbedrag) van de gemeente Krimpenerwaard worden belegd bij de staat conform het reglement van het schatkistbankieren. De volgende onderwerpen zijn uitgezonderd van het schatkistbankieren:
Het drempelbedrag. Bij een begrotingstotaal lager dan € 500 miljoen is het drempelbedrag gelijk aan 0,75% van het jaarlijks begrotingstotaal;
Middelen die aangehouden worden bij derden vanuit de publieke taak;
Leningen aan andere decentrale overheden behoudens als met deze decentrale overheid een toezichtrelatie bestaat;
Bestaande beleggingen van voor 18.00 uur op 4 juni 2012.
Bij deze beleggingen dienen financiële instellingen (kredietinstellingen, beleggingsinstellingen, effecteninstellingen, verzekeraars en pensioenfondsen) onder Nederlands of Europees toezicht te vallen (zoals De Nederlandsche Bank of de AFM).
De rating van de financiële instellingen moet ten minste een A-rating zijn. Deze rating moet zijn afgegeven door twee van de volgende erkende ratingbureau’s: DBRS Morningstar, Fitch Ratings, Moody’s of Standard & Poor’s;
Het is niet toegestaan middelen aan te trekken met het enkele doel deze tegen een hoger rendement uit te zetten.
Overige risico’s op uitzettingen:
Er wordt geen gebruik gemaakt van financiële derivaten als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet financiering decentrale overheden;
Het uitzetten van geldmiddelen in de vorm van deelnemingen in rechtspersonen, maatschappen en verenigingen, zoals opgenomen in artikel 160 van de Gemeentewet, is alleen toegestaan op basis van een besluit van de gemeenteraad dat de vereiste goedkeuring heeft van de provincie.
Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.3
Artikel 3.
Artikel 3.
Onderdeel van Treasurystatuut Gemeente Krimpenerwaard 2020