Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 10

Maximumstelsel

Onderdeel van Tijdelijke beleidsregel COVID-19: venten en standplaatsen

Voor het verlenen van toestemming voor het venten binnen de gemeente op grond van artikel 8 wordt een maximumstelsel gehanteerd. Hierbij wordt ten aanzien van het venten een onderscheid gemaakt tussen commerciële initiatieven en niet-commerciële initiatieven, waarbij de volgende regels gelden: voor commerciële initiatieven geldt dat niet meer dan vijf toestemmingen kan worden afgegeven voor het venten binnen een bepaalde maand; voor niet-commerciële initiatieven geldt geen maximum aan toestemmingen voor het venten binnen een bepaalde maand. De aanvragen worden beoordeeld en toegekend op volgorde van binnenkomst. Een aanvraag wordt afgewezen op het moment dat deze wordt ontvangen nadat het maximumaantal is bereikt. De aanvrager wordt niet automatisch op een wachtlijst gezet voor de volgende maand, maar dient hiervoor een nieuwe aanvraag in te dienen. Het college heeft de mogelijkheid om af te wijken van het stelsel benoemd in lid 1, indien dit vanuit het oogpunt van openbare orde en veiligheid noodzakelijk wordt geacht. Indien het college van deze bevoegdheid gebruikt maakt dan dient de afwijking deugdelijk gemotiveerd te worden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel