Naar hoofdinhoud

Artikel 7

Berekening van de subsidie

Onderdeel van Uitvoeringsregeling subsidie kunst en cultuur 2020

Eenmalige subsidie: De subsidie bedraagt het subsidiabele tekort tot maximaal 50% van de totale subsidiabele kosten, zoals die onder artikel 6 nader bepaald zijn. De subsidie bedraagt tevens maximaal € 15.000. Jaarlijkse subsidie: De jaarlijkse subsidies die op grond van deze regeling worden verstrekt en aan de hand van dit artikel zijn berekend, worden direct vastgesteld. De subsidieontvanger hoeft daarmee geen aanvraag voor subsidievaststelling in te dienen. Het college stelt jaarlijks een bedrag per lid vast voor de volgende categorieën: muziek instrumentaal muziek vocaal dans cultuurhistorisch overig cultureel De hoogte van de subsidie voor verenigingen met leden wordt gebaseerd op het aantal betalende leden per 1 januari van het jaar waarin de aanvraag wordt ingediend. Dit aantal wordt vermenigvuldigd met het bedrag per lid, zoals dat onder lid 2 van dit artikel is bepaald. Het college bepaalt aan de hand van de aangeboden activiteiten van de aanvrager binnen welke categorie die valt. Voor overige culturele organisaties bedraagt het subsidiebedrag het subsidiabele tekort van de reguliere exploitatie van de aanvrager, zoals dat door het college wordt geaccepteerd in het jaar van de aanvraag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel