1 Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die hond te
laten verblijven of te laten
lopen:
a binnen de bebouwde kom op de weg zonder dat die hond aangelijnd
is;
b op een voor het publiek toegankelijke en kennelijk als zodanig
ingerichte kinderspeelplaats,
zandbak of speelweide of op een andere door het college aangewezen
plaats;
c op de weg zonder voorzien te zijn van een halsband of een ander
identificatiemerk dat de
eigenaar of houder duidelijk doet kennen.
2 Het college kan plaatsen aanwijzen waar het verbod, genoemd in het
eerste lid onder a, niet geldt.
3De verboden genoemd in het eerste lid onder a en b gelden niet
voorzover de eigenaar of houder van een hond zich vanwege zijn
handicap door een geleidehond laat begeleiden en de hond als zodanig
aantoonbaar gekwalificeerd is of indien een eigenaar of houder van
een hond deze aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot geleidehond.
Hoofdstuk › AFDELING 4
Artikel 2.4.17
Loslopende honden
Onderdeel van Algemene plaatselijke verordening De Bilt 2007