De cliënt moet in staat zijn tot het normale gebruik van de woning. Dat wil zeggen dat:
de woning voor de cliënt toegankelijk is;
de buitenruimte (tuin of balkon) veilig moet kunnen worden bereikt;
de cliënt het toilet, de badkamer, keuken, woonkamer, slaapkamer en de slaapkamers van jonge kinderen moet kunnen bereiken en gebruiken;
dat kinderen zonder gevaar voor eigen gezondheid in de woonruimte kunnen spelen.
Het bereik en/of gebruik van hobby-, werk- of recreatieruimten behoort niet tot de elementaire woonfuncties.
Als een cliënt belemmerd wordt in zijn zelfredzaamheid door bouwkundige of woontechnische kenmerken van de woning, kan een woonvoorziening aan de orde zijn. Bij het onderzoek wordt ook gekeken naar andere typen oplossingen.
Bijvoorbeeld:
in hoeverre een herverdeling van taken binnen het gezin een oplossing kan bieden (in het kader van gebruikelijke hulp);
of door gebruikmaking van voorzieningen in de wijk een woonvoorziening achterwege kan blijven. Te denken valt aan een maaltijdservice, wasservice (in het kader van algemeen gebruikelijk);
of verhuizing naar een meer geschikte woning een betere oplossing is (in het kader van goedkoopst adequaat).
Hoofdstuk 4 › Paragraaf
Artikel 48.
Bouwkundige/woontechnische problemen
Onderdeel van Uitvoeringsregels maatschappelijke ondersteuning Enkhuizen 2020