Een woonvoorziening is alleen aan de orde als de woning geschikt is om het hele jaar te worden bewoond. Ook woonwagens en woonschepen kunnen hier onder vallen. Wel stelt het college hiervoor een aantal aanvullende eisen. Dit heeft te maken met het duurzame karakter van woonvoorzieningen. Als uitgangspunt geldt dat de cliënt ten minste gedurende vijf jaar gebruik kan maken van de aanpassingen. Dit stelt dus eisen aan de staat waarin de woonwagen of het schip verkeert. Concreet betekent dit dat een voorziening voor aanpassing van een woonwagen of woonschip slechts wordt verstrekt als:
de technische levensduur van de woonwagen of het woonschip nog minimaal vijf jaar is;
de woonwagen of het woonschip ten tijde van de indiening van de aanvraag in de gemeente een standplaats of ligplaats heeft die nog minimaal vijf jaar beschikbaar blijft voor de persoon.
Aanpassing van een binnenschip is mogelijk als de aanpassing betrekking heeft op het voor de persoon bestemde gedeelte van het verblijf van een binnenschipruimte die bestemd is voor het gebruik door de persoon, met inbegrip van een keuken, provisiekamer, toilet, wasgelegenheid, verblijfsruimte en slaapruimte, met uitzondering van het stuurhuis. Vastgesteld moet worden dat het binnenschip als zodanig te boek gesteld is in het register, als bedoeld in boek 3, titel 1, afdeling 2 BW en ook als binnenschip worden gebruikt.
Hoofdstuk 4 › Paragraaf
Artikel 59.
Woonwagens, woonschepen en binnenschepen
Onderdeel van Uitvoeringsregels maatschappelijke ondersteuning Enkhuizen 2020