Naar hoofdinhoud
Het komt voor dat een omgevingsvergunning is verleend, maar dat er geen gebruik van gemaakt wordt. Onder meer de crisis in de vastgoedsector heeft geleid tot het op de plank blijven liggen van een aantal vergunningen voor bouwprojecten. Grote aantallen ongebruikte omgevingsvergunningen voor het bouwen kunnen nieuwe woningbouwprojecten frustreren. Ook kunnen de omgevingsvergunningen voor de activiteit bouwen leiden tot onzekere situaties voor voornamelijk omwonenden, omdat die niet weten of het bouwwerk wel of niet gerealiseerd zal worden. In de Wabo is aangegeven onder welke omstandigheden een omgevingsvergunning kan worden ingetrokken. Voor vergunningen voor de activiteit bouwen geldt dat er gedurende tenminste 26 weken geen handelingen mogen zijn verricht die met de vergunning samenhangen. Voor milieuvergunningen geldt dat deze kunnen worden ingetrokken als er niet binnen drie jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning is gestart met de vergunde activiteiten. De intrekkingsmogelijkheid is een bevoegdheid, maar geen verplichting. Bij de beslissing tot intrekken moeten alle relevante belangen worden betrokken. In ieder geval moet worden nagegaan of het uitstel toe te rekenen is aan de vergunninghouder. Ook moet worden nagegaan of de vergunninghouder niet alsnog binnen redelijke termijn gebruik zal maken van de ongebruikte omgevingsvergunning. De ODMH voert de intrekkingen uit overeenkomstig het gemeentelijk beleid. Als richtlijn geldt dat vergunningen voor de activiteit bouwen niet eerder ingetrokken worden dan nadat gedurende twee jaar niet is gestart met de vergunde activiteiten. Voordat een omgevingsvergunning wordt ingetrokken, wordt een voornemen tot intrekking verzonden. De vergunninghouder kan zienswijzen indienen. Mochten de zienswijzen aanleiding geven om niet in te trekken, dan kan een termijn gesteld worden waarbinnen begonnen dient te worden. Mocht er dan niet begonnen zijn, dan volgt een definitief intrekkingsbesluit. Voor een vergunning die is voorbereid conform de reguliere procedure, wordt voor de intrekking eveneens de reguliere procedure doorlopen. Als het besluit voorbereid is met een uitgebreide procedure (afdeling 3.4 Awb), dan dient de intrekking ook met de uitgebreide procedure te worden afgehandeld en zal een ontwerp intrekkingsbesluit ter inzage gelegd worden. De ODMH kan ook bij overtredingen op basis van wetgeving als sanctie (een gedeelte van) een omgevingsvergunning intrekken. Dit zal altijd gebeuren in overleg met de gemeente.

Rechtspraak bij dit artikel