Naar hoofdinhoud
In de LHS is veel ruimte geboden voor de zogeheten bestuurlijke strafbeschikking, die in het milieurecht vaak wordt toegepast. Deze Bsbm (Bestuurlijke strafbeschikking milieu- en keurfeiten) is een relatief nieuw sanctie-instrument waarmee een strafbeschikking kan worden opgelegd door onder meer de Omgevingsdiensten op grond van artikel 257ba van het Wetboek van Strafvordering. De strafbeschikking berust op een schuldvaststelling (een daad van vervolging), in tegenstelling tot bijvoorbeeld een bestuurlijke boete (zie verderop) die juist het voorkómen van vervolging tot doel heeft. Bij de BSBm is de directeur van de OMDH gemandateerd om een strafrechtelijke boete op te leggen bij overtredingen in Gouda. Het werken met deze strafbeschikking gebeurt binnen de richtlijnen van het OM, al is de BOA in dienst van de ODMH. De opbrengsten van de bestuurlijke strafbeschikking gaan naar het Rijk en het innen van de boete gebeurt door het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB). De overtredingen waarvoor de bestuurlijke strafbeschikking kan worden opgelegd, zijn opgenomen in het zogeheten ‘Feitenboekje’. Ten aanzien van bouw- en woningtoezicht is de bestuurlijke strafbeschikking onder meer mogelijk bij overtredingen van het Bouwbesluit, zoals slopen zonder sloopmelding indien bij die sloop asbest wordt verwijderd, slopen zonder startmelding sloop of bij een sanering die niet tijdig wordt gemeld. Ook voor het in gebruik nemen van een bouwwerk zonder gebruiksmelding of het niet hebben van een brandmeldinstallatie, rookmelders, noodverlichting, blustoestellen en dergelijke kan een bestuurlijke strafbeschikking worden opgelegd. De bestuurlijke strafbeschikking is bedoeld voor relatief eenvoudige overtredingen, waarbij er over de schuldvraag geen twijfel bestaat. Omdat de Bsbm de overtreding niet opheft, is vaak ook nog een (op herstel gerichte) bestuursrechtelijke sanctie nodig om de overtreding ook echt ongedaan te laten maken. De bestuurlijke strafbeschikking kan los van of parallel aan deze op herstel gerichte interventies worden ingezet. Ook volgtijdelijke inzet is mogelijk. Het is belangrijk om te weten dat voor de milieu- en keurfeiten die in aanmerking komen voor afhandeling door middel van een bestuurlijke strafbeschikking, de politie niet langer de bevoegdheid heeft om op te treden (bijvoorbeeld in de vorm van het opmaken van een proces-verbaal). Als de bestuurlijke strafbeschikking niet wordt ingezet, zou de overtreding dus niet worden bestraft. Sinds 2009 kunnen gemeenten ook zelf op grond van de 'Wet bestuurlijke boete overlast in de openbare ruimte' boetes opleggen voor het overtreden van gemeentelijke verboden en voorschriften die zijn vastgelegd in de APV. Het gaat daarbij om lichte overtredingen die voor veel overlast en verloedering zorgen. Zwaardere, gevaarzettende gedragingen en overtredingen die onderdeel uitmaken van de ordehandhavingsbevoegdheden van de politie (samenscholingen, ongeregeldheden, betogingen en demonstraties), en gedragingen die sterk aan het strafrecht zijn gerelateerd, zoals handel in drugs, heling en het meevoeren van inbrekerswerktuigen of steekwapens, vallen niet onder de reikwijdte van de bestuurlijke boete. Bij onrechtmatige bewoning en woonfraude kan de bestuurlijke boete wel worden ingezet. Gemeenten dienen de keuze voor de bestuurlijke boete vast te leggen in de betreffende verordeningen middels een raadsbesluit om de bestuurlijke boete in de gemeente in te zetten, gevolgd door een raadsbesluit om de APV (en eventueel de afvalstoffenverordening) aan te passen. Bij gemeenten die kiezen voor de bestuurlijke boete vloeien de ontvangsten naar de gemeentekas. Daar staat tegenover dat zij zelf zorg moeten dragen voor onder meer het innen van de boete en dat zij zelf verantwoordelijk zijn voor de bezwaar- en beroepsprocedure. Bezwaar tegen de bestuurlijke boeten dienen namelijk bij de gemeente zelf te worden aangetekend, in tegenstelling tot bezwaar tegen een bestuurlijke strafbeschikking. Gouda hanteert het instrument van de bestuurlijke boete niet, maar wel de bestuurlijke strafbeschikking.

Rechtspraak bij dit artikel