A Startsubsidie
Vaststelling van de startsubsidie vindt ambtshalve plaats binnen 13 weken nadat de bij de verleningsbeschikking verplichte inlichtingen zijn verstrekt doch in ieder geval binnen 13 weken nadat de termijn van een jaar na de beschikking tot subsidieverlening is verstreken.
B Uitvoeringssubsidie
Een aanvraag tot vaststelling van uitvoeringssubsidie moet worden ingediend door middel van een door het college vastgesteld aanvraagformulier binnen de in de Algemene Subsidieverordening genoemde termijnen. De eindverantwoording en vaststelling van de uitvoeringssubsidie vindt plaats overeenkomstig het bepaalde in de desbetreffende artikelen van de Algemene Subsidieverordening en de Algemene wet bestuursrecht.
In afwijking van het bepaalde in lid 2 dient de subsidieontvanger, in afwijking van artikel 15 lid 1 van de Algemene Subsidieverordening, bij subsidies van € 50.000,-- en hoger een aanvraag tot vaststelling in te dienen door middel van een door het college vastgesteld aanvraagformulier binnen 13 weken na afloop van het kalenderjaar waarvoor subsidie is verleend.
In aanvulling op lid 2 en lid 3 geldt voor uitvoeringssubsidies vanaf € 10.000 dat het college bij de houder nadere gegevens kan opvragen om de rechtmatigheid van de subsidie te controleren. De houder is verplicht het college desgewenst daartoe inzage te geven in diens administratie betreffende onder meer:
inkomensverklaringen of andere bewijzen met betrekking tot wijziging van de hoogte van het gezinsinkomen;
verklaringen Geen recht op kinderopvangtoeslag van ouders;
plaatsingsovereenkomsten van peuters waaruit aantal uren, type kindplaats, ouderbijdrage en start- en (verwachte) einddatum blijken;
VE-indicaties, afgegeven door het consultatiebureau, voor plaatsing van doelgroeppeuters;
documenten naar aanleiding van een aanvraag tot wijziging van de ouderbijdrage;
overige meldingen in wijziging in de inkomens- of gezinssituatie.
Bij uitvoeringssubsidies tot en met € 10.000,-- vindt, in afwijking van de leden 2, 3 en 4, de wijze van verstrekken en eindverantwoording, alsmede de vaststelling, plaats overeenkomstig het bepaalde in artikel 13 van de Algemene Subsidieverordening en de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 14.