Naar hoofdinhoud

Artikel 6

– Criteria subsidieberekening

Onderdeel van Subsidieregeling instandhouding gemeentelijke monumenten Heerde 2020

Subsidiabele werkzaamheden Restauratie Het college verstrekt subsidie voor de volgende restauratiewerkzaamheden: herstel van het casco, waaronder wordt verstaan: de hoofdstructuur van het monument bestaande uit de dragende onderdelen en het omhulsel, te weten dak-, kap- en gebintconstructie, vloeren, balklagen, dragende muren, gevels, fundering, kelder en gewelven; herstel van afzonderlijke monumentale onderdelen, in- en exterieur, al dan niet in combinatie met herstel van het casco, mits de onderdelen onder de bescherming vallen; herstel van specifieke technische installaties ten behoeve van bedrijf en techniek; alle onderhoudswerkzaamheden als nader omschreven in lid 1.2 die tegelijk met één of meer van de hier genoemde restauratiewerkzaamheden worden uitgevoerd. Onderhoud Het college verstrekt subsidie voor de volgende onderhoudswerkzaamheden: buiten- en daarmee samenhangend binnen schilderwerk, voor zover het betreft de buitenramen, buitenkozijnen en buitendeuren; onderhoud van rieten daken inclusief daklatten en herstel van sporen; onderhoud van dakvlakken gedekt met pannen inclusief tengels en panlatten, leien, lood, zink of koper en, uitsluitend in samenhang hiermee, het herstel van gedeelten van het dakbeschot en sporen; onderhoud van goten, in zink, koper of lood, inclusief bijbehorende hemelwaterafvoeren, en het aanvragen van voor de waterafvoer noodzakelijke goten waar deze niet eerder aanwezig waren; onderhoud van buitenkozijnen, buitendeuren, raampartijen, luiken en herstel van stoepen, roedenverdeling, lijstwerk en luiken; onderhoud van windveren, schoorstenen, kapellen en loodaansluitingen; onderhoud van dak- of torenluiken en loopbruggen, inclusief het afgazen van torenluiken en het nemen van beperkte maatregelen tegen duivenoverlast; inboeten, herstel van gedeelten van muurwerk en opvoegen of pleisteren van gevels. het op kleine schaal vervangen of inboeten van natuursteen; behandelen van muur- of houtwerk ter regulering van de vochthuishouding, dan wel ter bestrijding van zwamaantasting of houtaantasters; onderhoud van gedeelten van dragende constructies, waaronder ankerbalkgebinten, schoren en platen, balkkoppen, en spantbenen; onderhoud van glas-in-loodbeglazing en het aanbrengen van beschermde beglazing voor gebrandschilderd glas of historisch waardevol glas; vervangen en herstel van overige bouwelementen van grote zeldzaamheid of met grote historische waarde; het plaatsen van achterzetbeglazing in samenhang met herstel van historisch waardevolle ramen; het gangbaar houden van historische krachtwerktuigen en machines; onderhoud aan waardevolle monumentale interieuronderdelen. Subsidiabele kosten Als subsidiabele kosten worden aangemerkt, de kosten verbonden aan de uitvoering van de subsidiabel geachte restauratie- of onderhoudswerkzaamheden als bedoeld onder 6.1 voor zover het betreft: de directiekosten, bestaande uit kosten voor het honorarium van de architect en de constructeur, de kosten van het dagelijks toezicht, uitvoeringstekeningen en kosten van verschotten; de directe kosten, dat wil zeggen de loonkosten en de materiaalkosten; de indirecte kosten, dat wil zeggen de algemene bouwplaats kosten, de algemene bedrijfskosten; de verschuldigde Btw, indien deze niet verrekend kan worden; de kosten van inspectierapport en/of inspectie-abonnement van de Monumentenwacht of een andere vergelijkbare organisatie of deskundige; de kosten voor het opstellen van een restauratie- of onderhoudsplan door een deskundige; de kosten voor het verrichten van een bouwhistorisch en/of haalbaarheidsonderzoek (voor restauratie); indien de aanvrager de voorzieningen in zelfwerkzaamheid verricht, kunnen enkel de materiaalkosten als subsidiabel worden opgevoerd. Subsidiepercentage en subsidiemaximum De subsidie in de kosten van restauratie van een monument bedraagt 30% van het totaal van de door het college subsidiabel geachte kosten als genoemd onder artikel 6, tot een maximum subsidiebedrag van € 10.000,- . De subsidie in de kosten van onderhoud van een monument bedraagt 20% van het totaal van de door het college subsidiabel geachte kosten als genoemd onder artikel 6, tot een maximum subsidiebedrag van € 5.000,-. In aanvulling op lid 3.1 en 3.2 geldt het volgende voor een complex: voor elk huisnummer afzonderlijk dat tevens aangemerkt kan worden als één van de hoofdonderdelen van het complex, kan afzonderlijk subsidie aangevraagd worden; voor de overige beschermde afzonderlijke onderdelen van een complex kan boven op de in lid 1 en 2 genoemde bedragen, € 1.000,- extra subsidie worden aangevraagd voor werkzaamheden aan deze afzonderlijke onderdelen tezamen; Wat betreft de subsidiabele werkzaamheden is artikel 6, lid 1 van overeenkomstige toepassing. Meerjarige subsidies Een meerjarige subsidie kan worden verstrekt voor een periode van maximaal 5 aaneengesloten jaren. De werkzaamheden waarop de subsidies onder 4.1 betrekking hebben dienen te corresponderen met de jaren waarvoor de subsidie is verstrekt.

Rechtspraak bij dit artikel