De gegevensbeheerder:
beheert de documentatie op het gebied van de wet en overige regelgeving op het gebied van de BRP;
beslist over de verzoeken van de burger als bedoeld in de artikelen 2.56, 2.57 en 2.58 van de wet;
beslist over de verzoeken van afnemers en derden om informatie als bedoeld in artikel 3.9 van de wet;
controleert dan wel coördineert de controle van de actualiseringen in de BRP;
beslist over de afhandeling van procedures als bedoeld in artikel 2.60 van de wet;
coördineert de onderzoeken naar woon- of briefadressen in samenwerking met de toezichthouders;
verzorgt de communicatie met de afnemers en andere verantwoordelijken van gemeentelijke basisadministraties met betrekking tot gegevensvraagstukken;
rapporteert minimaal eenmaal per jaar over de uitvoering van het mutatieproces door de gegevensverwerkers aan de beheerder als bedoeld in artikel 2;
rapporteert minimaal eenmaal per jaar over de inhoudelijke kwaliteit van de gegevens in de BRP aan de beheerder als bedoeld in artikel 2 en maakt hierbij gebruik van de kwaliteitsmonitor;
beslist aan de hand van artikel 2.8 van de wet over de waarde die aan overgelegde brondocumenten kan worden toegekend;
beslist op aangiften of verzoeken, die op grond van de wet worden gedaan, voor zover hier niet op andere wijze in is voorzien;
voorziet in maatregelen voor reconstructie van mutaties;
neemt deel aan het in artikel 7, tweede lid, bedoelde overleg.