**1..** Een ieder spreekt vanaf zijn plaats of van de spreekplaats en richt
zich – de voorzitter uitgezonderd- tot de voorzitter.
**2..** Bij bijzondere gelegenheden kan de voorzitter bepalen dat de in het
eerste lid bedoelde personen vanaf een andere plaats spreken.
Hoofdstuk 4:
Artikel 20
Spreekregels
Onderdeel van Verordening op de voorbereiding van raadsvergaderingen 2010