Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Belastbaar feit en belastingplicht

Onderdeel van Verordening op de heffing en invordering van rioolheffing in de gemeente Ameland 2021

Onder de naam 'rioolheffing' wordt per eigendom een belasting geheven ter bestrijding van de kosten die voor de gemeente verbonden zijn aan de inzameling en het transport van huishoudelijk afvalwater en bedrijfsafvalwater, alsmede de zuivering van huishoudelijk afvalwater en de inzameling van afvloeiend hemelwater en de verwerking van het ingezamelde hemelwater, alsmede het treffen van maatregelen teneinde structureel nadelige gevolgen van de grondwaterstand voor de aan de grond gegeven bestemming zoveel mogelijk te voorkomen of te beperken. De belasting als bedoeld onder het eerste lid, wordt geheven van: degene die het eigendom naar omstandigheden beoordeeld al dan niet krachtens eigendom, bezit of beperkt recht of persoonlijk recht gebruikt; ingeval er sprake is van volgtijdig gebruik: degene die het eigendom ter beschikking heeft gesteld. ingeval er sprake is van gebruik door degene aan wie een deel van een onroerende zaak in gebruik is gegeven, degene die dat deel in gebruik heeft gegeven; degene die het deel in gebruik heeft gegeven is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene aan wie dat deel in gebruik is gegeven. Indien gedeelten van een in artikel 2 bedoeld eigendom blijkens hun indeling bestemd zijn om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt, worden de bedragen geheven ter zake van elk als zodanig bestemd gedeelte, met dien verstande dat indien twee of meer van die gedeelten tezamen als een geheel worden gebruikt, deze als één eigendom worden aangemerkt. In afwijking van artikel 2, tweede lid, wordt voor de heffing van de belasting als bedoeld in artikel 2 lid 1, in de gevallen dat het een bedrijfsverzamelgebouw betreft waarbij er sprake is van één watermeter, als gebruiker aangemerkt, de contractant die als zodanig bekend staat in de administratie van Vitens.

Rechtspraak bij dit artikel