Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › Paragraaf 3:

Artikel 39:

Besloten vergadering

Onderdeel van Reglement van orde gemeenteraad en raadscommissies Amsterdam

1.. De vergadering kan op elk ogenblik worden onderbroken door een vergadering met gesloten deuren vanwege een belang genoemd in artikel 10 van de Wet openbaarheid van bestuur. Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van dit reglement van overeenkomstige toepassing voor zover deze bepalingen niet in strijd zijn met het besloten karakter van de vergadering. 2.. De commissievoorzitter beslist wie er, in aanvulling op artikel 18, bij de besloten vergadering aanwezig mag zijn. Ambtenaren van de burgemeester of het college worden alleen toegelaten voor zover dat voor de ondersteuning nodig is. De burgemeester of een lid van het college dient daartoe een gemotiveerd verzoek in. 3.. Nadat de deuren gesloten zijn, mag de vergadering niet meer worden verlaten en wordt er ook niemand meer toegelaten tot het besloten deel van de vergadering ten einde is. 4.. Vóór afloop van de besloten vergadering beslist de commissie of omtrent het behandelde geheimhouding wordt opgelegd. De commissievoorzitter doet binnen 24 uur na afloop van een zitting waarin over enig punt geheimhouding is opgelegd, schriftelijke aan alle leden van de commissie en overige bij de zitting aanwezige personen mededeling van de opgelegde geheimhouding.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel