De begripsbepalingen als bedoeld in de Participatiewet, het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004 en de Algemene wet bestuursrecht zijn van overeenkomstige toepassing.
Onder de hier volgende begrippen en afkortingen wordt verstaan:
Awb: Algemene wet bestuursrecht.
Bbz 2004: het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004.
Bedrijfskapitaal: bijstand in de vorm van een rentedragende geldlening zoals bedoeld in artikel 15 van het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004.
Belanghebbende: de genoemde personen in artikel 2 van het Bbz.
Besluit: het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004.
Bijstand: de door het college verstrekte ondersteuning in het kader van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004.
Bijstandsnorm: de op de belanghebbende van toepassing zijnde bijstandsnorm zoals bedoeld in artikel 5 lid c van de Participatiewet.
College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leidschendam-Voorburg.
Debiteur: de persoon op wie het college nog een openstaande vordering heeft in het kader van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004.
Inlichtingenplicht: de inlichtingenplicht zoals bedoeld in artikel 17 van de Participatiewet, inclusief de aanlevering van jaarcijfers zoals bedoeld in artikel 38 van het Besluit bijstandverlening zelfstandigen 2004.
Leenbijstand: de als renteloze lening verstrekte algemene bijstand op grond van de Participatiewet en het Besluit bijstandsverlening zelfstandigen 2004, die al dan niet geheel of gedeeltelijk kan worden omgezet in een bedrag om niet.
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Beleidsregels Besluit bijstandverlening zelfstandigen Gemeente Leidschendam-Voorburg 2020