Naar hoofdinhoud
1.. Een verlaging wegens tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan als bedoeld in artikel 18, tweede lid, van de Participatiewet wordt afgestemd op het benadelingsbedrag. 2.. Onder tekortschietend besef van verantwoordelijkheid wordt in ieder geval begrepen: het op een onverantwoorde wijze besteden van vermogen of vermogensbestand delen, het doen van een schenking voorafgaand aan of tijdens de bijstandsverlening, dit voor zover bijstandsverlening redelijkerwijs was te voorzien; het verwijtbaar geen beroep kunnen doen op een voorliggende voorziening, door deze niet te gelde te maken dan wel weigeren er een beroep op te doen. 3.. De verlaging bedraagt honderd procent van de uitkeringsnorm voor de duur van de periode dat belanghebbende als gevolg van zijn gedraging eerder of langer recht heeft op een uitkering. Dit tot een maximum van drie maanden.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel