In het Besluit Omgevingsrecht (Bor) is bepaald dat het college uitvoeringsbeleid vaststelt voor de taken op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving. Zoals aangegeven, is het beleid in Brunssum in twee afzonderlijke beleidsnota’s vastgelegd: het ‘Uitvoeringsbeleid Vergunningverlening Gemeente Brunssum 2019 – 2022’ (vastgesteld op 4 december 2018) en het ‘Uitvoeringsbeleid toezicht en handhaving Wabotaken 2019 – 2022’ (vastgesteld op 11 juni 2019). Het beleid moet gemotiveerd aangeven welke doelen het college zichzelf stelt bij de uitvoering en welke activiteiten zullen worden uitgevoerd om die doelen te realiseren.
Het Besluit Omgevingsrecht (Bor) bepaalt ook dat het college het uitvoeringsbeleid uitwerkt in een jaarlijks uitvoeringsprogramma. In het uitvoeringsprogramma moet worden aangegeven welke van de vastgestelde doelen het college het komende jaar zal uitvoeren.
Die doelen zijn in dit programma opgenomen. Daarnaast zijn activiteiten vastgelegd die de doelen in het programma meetbaar maken.
De wet legt het college tenslotte de verplichting op dat het beleid, en daaruit volgend het uitvoeringsprogramma, jaarlijks wordt geëvalueerd en gemonitord.
Door het vaststellen van dit ‘Uitvoeringsprogramma Vergunningverlening Gemeente Brunssum 2021’ voldoet het college ook aan deze wettelijke taak.
Het college informeert de raad over het programma. Het college zal, via het jaarverslag met behulp van het uitvoeringsprogramma, rapporteren aan de gemeenteraad. In het jaarverslag wordt uiteengezet hoe het college haar taken heeft uitgevoerd en kan de gemeenteraad bepalen of deze uitvoering van taken voldoet aan de norm.
Hoofdstuk 5.
Artikel 6.