Naar hoofdinhoud
1.. De Wet op de huurtoeslag geldt als een passende en toereikende voorziening in relatie tot bijstandsverlening voor woonkosten. 2.. Bijzondere bijstand voor woonkosten kan niet worden verleend aan de Nederlander of de daarmee gelijkgestelde die geen recht op huurtoeslag heeft, omdat hij medebewoning heeft van een niet-rechthebbende vreemdeling. Het gemis aan huurtoeslag ten gevolge van de keuze voor een niet-rechthebbende huisgenoot, komt niet voor bijstandsverlening in aanmerking. 3.. Jongeren van 18 tot en met 22 jaar die geen aanspraak kunnen maken op huurtoeslag als gevolg van een te hoge rekenhuur, hebben geen recht op woonkostentoeslag. De gevolgen van een afwijkend toewijzingsbeleid van woningen en/of verlating van de (oudere) partner komen niet voor bijstand in aanmerking. 4.. Het bepaalde in het derde lid, eerste volzin, is niet van toepassing op de jongeren van 18 tot en met 22 jaar die een woning toegewezen hebben gekregen op basis van een taakstelling vanuit het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.

Rechtspraak bij dit artikel