Naar hoofdinhoud

Artikel 4.

Maatstaf van heffing en belastingtarief

Onderdeel van Verordening forensenbelasting 2021

1. De belasting wordt geheven naar de heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen zoals die voor het belastingobject waarvan de woning deel uitmaakt, voor het tijdvak waarbinnen het belastingjaar valt, is vastgesteld. 2. In geval geen heffingsmaatstaf voor de onroerende-zaakbelastingen is vastgesteld, wordt de belasting geheven naar de waarde in het economisch verkeer. 3. De belasting bedraagt bij een heffingsmaatstaf van: a.. minder dan € 60.000: € 232,50; b.. € 60.000 of meer, doch minder dan € 100.000: € 455,80; c.. € 100.000 of meer, doch minder dan € 150.000: € 774,55; d.. € 150.000 of meer, doch minder dan € 200.000: € 1.161,80; e.. € 200.000 of meer: € 1.393,70.

Rechtspraak bij dit artikel