**1..** Het is verboden een voertuig dat voor recreatie of anderszins voor andere dan verkeersdoeleinden wordt gebruikt:
langer dan gedurende vijf (5) achtereenvolgende dagen binnen de bebouwde kom op de weg te plaatsen of te hebben;
op een door het college aangewezen plaats te parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de gemeente.
**2..** Het college kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in het eerste lid onder a.
**3..** Het eerste lid is niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door provinciale wegenverordening of de provinciale landschapsverordening.
**4..** Op de aanvraag om een ontheffing is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) van toepassing.
Hoofdstuk 5. › Afdeling 1.
Artikel 5:6