De graven worden onderscheiden in:
particuliere graven, ten aanzien waarvan voor 1 januari 1969 aan de rechthebbende voor onbepaalde tijd het recht is verleend om met uitsluiting van anderen daarin stoffelijke overschotten te doen begraven;
particuliere graven, ten aanzien waarvan aan de rechthebbende voor bepaalde tijd het recht is verleend om met uitsluiting van anderen daarin stoffelijke overschotten te doen begraven;
ten behoeve van de wettelijk verplichte grafrusttermijn van 10 jaar wordt de uitgiftetermijn met het daartoe benodigde aantal jaren verlengd.
de uitgiftetermijn kan op verzoek van de rechthebbende telkens met een termijn van tien jaren worden verlengd. Het verzoek om deze termijn te verlengen kan ingediend worden vanaf twee jaar vóór het verstrijken van de lopende termijn tot uiterlijk het moment van verstrijken van de lopende termijn;
algemene graven, waaronder worden verstaan alle overige graven, naar de in artikel 4, vijfde lid, van de Beheersverordening gemaakte onderverdeling;
onder algemene graven en particuliere graven worden tevens begrepen algemene en particuliere urnplaatsen.
Artikel 3
Definities graven
Onderdeel van VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN BEGRAFENISRECHTEN 2021