Naar hoofdinhoud
1.. De belasting als bedoeld in artikel 2 onder a en b, bedraagt voor de na te noemen percelen of gedeelten van percelen per perceel per jaar: a. voor een perceel of gedeelte daarvan, gebruikt als woning € 167,00 b. voor een perceel of gedeelte daarvan, gebruikt als winkel of ander bedrijf, waarin niet meer dan 5 personen werkzaam zijn € 207,00 c. voor een perceel of gedeelte daarvan, gebruikt als winkel of ander bedrijf, waarin meer dan 5, doch niet meer dan 10 personen werkzaam zijn, benevens eigendommen van instellingen van openbaar nut € 413,75 d. voor een perceel of gedeelte daarvan, gebruikt als winkel of ander bedrijf, waarin meer dan 10 personen werkzaam zijn, benevens voor een perceel, gebruikt als hotel, café of café-restaurant € 832,35 e. voor een perceel, gebruikt als klooster, verpleeginrichting, bejaarden- of ander tehuis, waarin als regel meer dan 10 personen nachtverblijf hebben € 1.111,25 2.. Een perceel, waaraan een bestemming wordt gegeven, welke niet is genoemd in het eerste lid, wordt gerangschikt onder de groep, waarmee dit perceel wat betreft zijn bestemming overeenkomt. 3.. Belastingaanslagen van minder dan € 5,-- worden niet opgelegd. 4.. Voor de toepassing van het bepaalde in het derde lid wordt het totaal van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen rioolheffing of andere heffingen aangemerkt als één belastingaanslag.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel