Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2.

Artikel 5.

Autorisatie begroting en investeringskredieten

Onderdeel van FINANCIELE VERORDENING GEMEENTE BRUMMEN

1. De raad autoriseert met het vaststellen van de begroting: a. de lasten en de baten per programma. b. de voorgestelde nieuwe investeringen en vervangingsinvesteringen in het begrotingsjaar met uitzondering van die investeringen waarvan de raad aangeeft dat hij op een later tijdstip een apart voorstel voor autorisatie wil ontvangen. 2. Bij de behandeling van een bestuursrapportage in de raad kan het college voorstellen doen voor het wijzigen van de geautoriseerde budgetten en investeringskredieten. 3. Het college is gemachtigd om tot een bedrag van telkens € 25.000 uitgaven te doen, die gedekt worden uit een bestemmingsreserve. De uitgaven moeten passen in het kader van de doelstelling van deze reserve. Het college legt over deze uitgaven achteraf in een bestuursrapportage of jaarstukken verantwoording af. 4. Structurele budgetten die via de begroting beschikbaar gesteld worden, mogen alleen in het desbetreffende jaar worden besteed, tenzij het college anders voorstelt. 5. Incidentele budgetten die in een bepaald jaar niet besteed worden, vallen in beginsel vrij ten gunste van de algemene middelen tenzij het college voorstelt om het budget beschikbaar te houden. Het incidentele budget valt bij niet of onvolledige besteding in elk geval na 2 jaar vrij ten gunste van de algemene middelen voor zover er geen aantoonbare verplichtingen tegenover staan. Bij vaststelling van de jaarstukken wordt het budget formeel overgeheveld naar het volgende jaar door een begrotingswijziging van de resultaatbestemming. 6. Voorstellen tot het doorschuiven van investeringen (na een periode van 3 jaar), worden gedaan vóór 31 maart van het daaropvolgende begrotingsjaar.

Rechtspraak bij dit artikel