Het college kan de omgevingsvergunning intrekken indien:
de omgevingsvergunning ten gevolge van een onjuiste opgave of informatie is verleend;
de gegevens in de omgevingsvergunning niet meer overeenstemmen met de werkelijke situatie;
niet wordt voldaan aan de bij of krachtens deze afdeling gegeven voorschriften;
het vaartuig waarop de omgevingsvergunning betrekking heeft zowel op zichzelf als in verband met de omgeving niet aan redelijke eisen van welstand voldoet;
het vaartuig waarop de omgevingsvergunning betrekking heeft niet voldoet aan eisen van veiligheid en gezondheid;
het vaartuig waarop de omgevingsvergunning betrekking heeft zonder toestemming van het college gedurende een periode langer dan 12 aaneengesloten weken buiten de gemeente verblijft;
het woonschip/bedrijfsvaartuig waarop de omgevingsvergunning betrekking heeft zonder toestemming van het college gedurende een periode langer dan 26 weken aaneengesloten niet tot dag- en/of nachtverblijf dient;
op de ligplaats voorzieningen aanwezig zijn die niet zijn vermeld op de omgevingsvergunning.
Hoofdstuk 3 › § 3.6.3.
Artikel 3.89
Intrekken van de omgevingsvergunning
Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving Gouda