Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3 › § 3.6.3.

Artikel 3.84

Omgevingsvergunning ligplaats

Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving Gouda

1.. Het is verboden om zonder omgevingsvergunning, op de op grond van artikel 2.16 aangewezen plaatsen, met een vaartuig een ligplaats in te nemen. 2.. Op de op grond van artikel 2.16, derde lid, aangewezen plaatsen mag een historisch bedrijfsvaartuig een ligplaats innemen mits de rechthebbende beschikt over een ligplaatsovereenkomst met de Stichting Binnenhavenmuseum Turfsingel, 3.. De Stichting Binnenhavenmuseum Turfsingel maakt gebruik van een door het college goedgekeurd model voor de ligplaatsovereenkomst. Het college kan voorschriften en bepalingen vaststellen die in een te sluiten ligplaatsovereenkomst dienen te worden opgenomen. 4.. Met betrekking tot de ligplaatsen in de Breevaart en de Molenvliet kan het college de in het eerste lid bedoelde vergunning uitsluitend verlenen aan de bewoners van de woningen Bodegraafsestraatweg 61 t/m 165, Oostboezemkade 12, Wethouder Venteweg 107 t/m 171, Wethouder Venteweg 25 t/m 103, Oostboezemkade 1 t/m 10, Burgvlietkade 48 t/m 98, Steijnkade 29 t/m 36, Steijnpad 3, Burgvlietkade 13 t/m 45, Zuidelijke Steijnkade 1 t/m 28 en Zuidelijke Burgvlietkade 1 t/m 23. 5.. De omgevingsvergunning ligplaats wordt gesteld op naam van de rechthebbende van het vaartuig en vermeldt de plaatsaanduiding van de desbetreffende ligplaats, de bijbehorende voorzieningen en de kenmerken van het vaartuig.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel