**1..** Het is verboden een openbare plaats te gebruiken anders dan overeenkomstig de publieke functie daarvan zonder een omgevingsvergunning.
**2..** Het in het eerste lid gestelde vergunningplicht is niet van toepassing op:
voorwerpen of stoffen waarop gedachten of gevoelens worden geopenbaard;
standplaatsen als bedoeld in afdeling 3.4 in dit hoofdstuk;
evenementen als bedoeld in artikel 2:5 van de Algemene plaatselijke verordening Gouda 2020;
terrassen als bedoeld in artikel 2:9 van de Algemene plaatselijke verordening Gouda 2020.
**3..** Het college kan categorieën voorwerpen of stoffen aanwijzen waarvoor het in het eerste lid gestelde verbod niet geldt voor zover wordt gehandeld overeenkomstig door het college vast te stellen nadere regels.
**4..** De in het eerste lid gestelde vergunningplicht is niet van toepassing wanneer de Omgevingswet of het Omgevingsplan Gouda voorzien in een vergunningplicht, of in situaties waarin wordt voorzien door artikel 5 Wegenverkeerswet 1994, of de Zuid-Hollandse Omgevingsverordening.
**5..** Het is verboden op, aan, over of boven de openbare plaats voorwerpen of stoffen waarop gedachten of gevoelens worden geopenbaard te plaatsen, aan te brengen of te hebben, indien deze door hun omvang of vormgeving, constructie of plaats van bevestiging schade toebrengen aan de openbare plaats, gevaar opleveren voor de bruikbaarheid van de openbare plaats of voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, dan wel een belemmering vormen voor het doelmatig beheer en onderhoud van de openbare plaats.
Hoofdstuk 3 › § 3.2.2.
Artikel 3.25
Omgevingsvergunning gebruik openbare plaats
Onderdeel van Verordening fysieke leefomgeving Gouda