De precariobelasting wordt niet geheven ter zake van het hebben van:
voorwerpen ten behoeve van percelen, waarvan de gemeente krachtens eigendom, bezit of beperkt recht de genothebbende is, met uitzondering van die percelen, waarin de gemeentebedrijven worden uitgeoefend en van die, welke aan derden zijn verhuurd;
van wegwijzers en verkeersaanwijzingen van de Koninklijke Nederlandse Toeristenbond ANWB, verenigingen voor vreemdelingenverkeer en van andere overeenkomstige instellingen;
voorwerpen welke ingevolge een wettelijk voorschrift moeten worden gedoogd;
voorwerpen of werken, welke noodzakelijk voor de uitoefening van hun publiekrechtelijke taak, door het rijk, de provincie, de gemeente of door waterschappen zijn aangebracht of geplaatst;
boven openbare gemeentegrond van borden tot verhuur of verkoop van woningen of percelen, in het geval deze borden aan de te verhuren of te verkopen woningen of percelen zijn bevestigd;
sierlampen, vlaggenstokken en vlaggen zonder reclame of handelsnaam;
borden, masten, palen en dergelijke, die in verband met de verkiezingen van publiekrechtelijke lichamen zijn aangebracht;
pilasters, plinten, kozijndorpels, gevelversieringen, goten, puilijsten, goot- en kroonlijsten, spionnen en dergelijke;
zonneschermen en markiezen zonder reclame of handelsnaam;
kelderingangen, licht- en luchtopeningen (koekoeken), stoeptreden en dergelijke, welke nodig zijn geworden ten gevolge van door de gemeente tot stand gebrachte werken;
afvoerbuizen van hemelwater, welke aan een gebouw zijn aangebracht en niet meer dan 0,10 meter buiten de gevel uitsteken;
het hebben van voorwerpen, uitsluitend gebezigd voor een doel of ter behartiging van een algemeen belang;
het gebruik of genot van openbare grond of het hebben van voorwerpen onder, op of boven openbare gemeentegrond door de gemeente en de gemeentebedrijven, het rijk en rijksbedrijven en de provincie;
voorwerpen welke ingevolge wettelijk voorschrift of krachtens privaatrechtelijke overeenkomst kosteloos of tegen een bij of krachtens dat voorschrift of die overeenkomst bepaalde vergoeding moet worden gedoogd.
non-profitorganisaties, waaronder begrepen serviceclubs, politieke partijen, verenigingen, maatschappelijke instellingen, die een liefdadig, sociaal-cultureel of maatschappelijk doel nastreven en die overwegend met vrijwilligers activiteiten organiseren overeenkomstig die doelstelling. Dit geldt voor onderwerpen die in de bij deze verordening behorende tarieventabel zijn voorzien van de notatie (fv).
Artikel 4