Naar hoofdinhoud
Op grond van de verordening rioolheffing wordt de belasting geheven over het aantal kubieke meter water dat vanuit het perceel op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd. Het aantal kubieke meters water wordt gesteld op het aantal kubieke meters leidingwater, grondwater en oppervlaktewater dat in de laatste aan het begin van het belastingjaar voorafgaande verbruiksperiode naar het perceel is toegevoerd of opgepompt, verminderd met de hoeveelheid water die niet is afgevoerd. Ingeval niet al het toegevoerde of opgepompte water als afvalwater op de gemeentelijke riolering wordt afgevoerd, is het aan belastingplichtige om voor het bepalen van de heffingsmaatstaf aan te tonen hoeveel water op andere wijze wordt afgevoerd.

Rechtspraak bij dit artikel