Naar hoofdinhoud
1.. Bij een gift in natura bepaalt het college wat de gift waard is in geld. 2.. Voor zover artikel 3, eerste lid, niet van toepassing is, wordt een gift/giften in natura niet tot de middelen gerekend als de (totale) waarde niet meer bedraagt dan 50% van de jaarlijkse forfaitaire kostenvergoeding voor vrijwilligers zoals genoemd in artikel 7, onderdeel h van de Regeling Participatiewet, IOAW en IOAZ en artikel 2 lid 6 van de Wet op de loonbelasting 1964. 3.. Bij overschrijding van het bedrag zoals genoemd in het tweede lid, wordt het meerdere aangemerkt als verworven vermogen.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel