**1..** Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijke arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IOAW), de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (IOAZ) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
**2..** In deze beleidsregels wordt verstaan onder:
de gemeente: de gemeente Waadhoeke
het college van burgemeester en wethouders: het college van burgemeester en wethouders van Waadhoeke
IOAW: de Wet inkomensvoorzieningen oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers;
IOAZ: Wet Inkomensvoorziening gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen;
Awb: Algemene wet bestuursrecht;
uitkering: de door het college van burgemeester en wethouders verleende bijstand in het kader van de Participatiewet en uitkering in het kader van de IOAW en IOAZ;
doelgroep loonkostensubsidie: als bedoeld in artikel 6, lid 1, sub e van de Participatiewet: personen die behoren tot de doelgroep van de Participatiewet, van wie is vastgesteld dat zij met voltijdse arbeid niet in staat zijn tot het verdienen van het wettelijk minimumloon, doch wel mogelijkheden tot arbeidsparticipatie hebben;
kandidaat: de persoon met een uitkering zoals omschreven onder g.;
proefplaatsing: het tijdelijk verrichten van reguliere werkzaamheden met behoud van uitkering voor een in overleg te bepalen periode van 3 maanden. Een eenmalige verlenging, met 3 maanden, is in een individuele situatie mogelijk;
duurzame uitstroom: (gedeeltelijke) uitstroom uit de uitkering voor tenminste 26 weken en voor tenminste 12 uur per week;
professional: een medewerker in dienst van de gemeente of een daartoe door de gemeente aangewezen (uitvoerings-)organisatie, waaronder het UWV;
werknemersvoorziening: een voorziening of kosten om structurele, functionele of fysieke belemmeringen te verminderen of weg te nemen teneinde werk mogelijk te maken voor mensen die als gevolg van een aandoening (ziekte of gebrek) een afstand tot de arbeidsmarkt hebben.