**1..** De belastingplichtige bedoeld in artikel 3, eerste lid, is gehouden, voordat hij voor de eerste maal na het in werking treden van deze verordening gelegenheid tot verblijf verschaft, zulks schriftelijk te melden aan de aangewezen ambtenaren, bedoeld in de artikelen 231, tweede lid, onderdelen b en d en 232, vierde lid, onderdelen a en c, van de Gemeentewet;
**2..** Het eerste lid geldt niet voor de belastingplichtige die in het jaar voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze verordening een aanslag watertoeristenbelasting heeft ontvangen of daarvoor aangifte heeft gedaan.
Artikel 13.