**1..** Burgemeester en wethouders kunnen de subsidievaststelling intrekken of ten nadele van de instelling wijzigen:
op grond van feiten of omstandigheden waarvan het bij de subsidievaststelling redelijkerwijs niet op de hoogte kon zijn en op grond waarvan de subsidie lager dan overeenkomstig de subsidieverlening zou zijn vastgesteld;
als de subsidievaststelling onjuist was en een instelling dit wist of behoorde te weten, of
als een instelling na de subsidievaststelling niet heeft voldaan aan de aan het subsidie verbonden verplichtingen.
**2..** De intrekking of wijziging werkt terug tot en met het tijdstip waarop de subsidie is vastgesteld, tenzij bij de intrekking of wijziging anders in bepaald.
**3..** De subsidievaststelling kan niet meer worden ingetrokken of ten nadele van de instelling worden gewijzigd als vijf jaren zijn verstreken sedert de dag waarop zij is bekendgemaakt dan wel, in het geval, bedoeld in het eerste lid, onder c, sedert de dag waarop de handeling in strijd met de verplichting is verricht of de dag waarop aan de verplichting had moeten zijn voldaan.
Hoofdstuk IX
Artikel 43
Artikel 43
Onderdeel van Verordening regelende de algemene subsidiebepalingen en -voorwaarden voor subsidies aan welzijnsinstellingen 2003