Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 7

Vakantie

Onderdeel van Nadere regel Verordening Jeugdhulp gemeente Utrecht 2021

1.. Een jeugdige of zijn ouders kan een schriftelijk verzoek indienen voor het gebruik van pgb in een vakantie; 2.. De Medewerker van het buurtteam bepaalt of de toegekende individuele begeleiding noodzake-lijk is om tijdens de vakantie te kunnen functioneren. Denk hierbij aan ondersteuning bij het ma-ken van een transfer van de rolstoel naar het bed in het vakantieverblijf; 3.. Het pgb mag niet worden ingezet voor het (deels) financieren van de vakantie; 4.. Een pgb dat naar zijn aard bedoeld is om in te zetten in en rond de woning van betrokkene kan niet tijdens een vakantie worden ingezet; 5.. Indien de jeugdige of zijn ouders het pgb nodig hebben om tijdens de vakantie te kunnen functi-oneren is de maximale vakantietermijn 13 weken per toekenningsperiode van 12 maanden. Ech-ter hiervan mag maximaal 6 weken aaneengesloten worden opgenomen. Deze termijn is bepaald om te kunnen aansluiten op de lengte van de zomervakantie van basisscholen. Indien het pgb voor een kortere periode wordt toegekend, wordt het aantal van 13 weken naar rato berekend.

Rechtspraak bij dit artikel