Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing

Onderdeel van Verordening op de heffing en de invordering van de watertoeristenbelasting 2021

Ter zake van vaartuigen met een vaste ligplaats wordt, indien een belastingplichtige als bedoeld in artikel 3, eerste lid, is aangewezen: het aantal personen dat verblijf heeft gehouden, bepaald op: 2,2 personen bij een pleziervaartuig met een lengte van ten hoogste 10 meter; 2,0 personen bij een pleziervaartuig met een lengte van meer dan 10 meter; tweederde van het aantal slaapplaatsen bij zeilende bedrijfsvaartuigen. het aantal etmalen dat door de onder a bedoelde personen verblijf is gehouden bepaald op: 14 voor pleziervaartuigen met een lengte van ten hoogste 10 meter; 16 voor pleziervaartuigen met een lengte van meer dan 10 meter 26 voor zeilende bedrijfsvaartuigen. 2. Ter zake van zeilende bedrijfsvaartuigen zonder vaste ligplaats voor korter dan drie maanden wordt: het aantal personen, dat verblijf heeft gehouden bepaald op: 8 bij een vaartuig met een lengte van 10 tot 20 meter; 15 bij een vaartuig met een lengte van 20 tot 30 meter; 22 bij een vaartuig met een lengte van 30 meter of meer;

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel