Deze verordening verstaat onder:
Dag:
de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt.
Week:
een aaneengesloten periode van zeven dagen.
Maand:
het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is.
Jaar:
het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar.
Kalenderkwartaal:
een periode van 1 januari tot en met 31 maart of van 1 april tot en met 30 juni of van 1 juli tot en met 30 september of van 1 oktober tot en met 31 december.
Kalenderjaar:
de periode van 1 januari tot en met 31 december.
Artikel 1