Deze verordening verstaat onder:
begraafplaats: de bij de gemeente Tholen in beheer en onderhoud zijnde begraafplaatsen.
particulier graf: een particulier graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon (de rechthebbende) het uitsluitend recht is verleend tot het doen begraven en begraven houden van een overledene en het doen bijzetten en bijgezet houden van een asbus met of zonder urn.
kindergraf: een particulier graf waarin gelegenheid wordt geboden tot het begraven en begraven houden van een levenloos geborene, alsmede van een overledene van 0 tot en met 6 jaar, alsmede van een overledene van 7 tot en met 12 jaar en het doen bijzetten en bijgezet houden van een asbus met of zonder urn.
urnengraf: een particulier graf waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder urn, bevattende de as van overledenen.
algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waar de mogelijkheid wordt geboden tot het doen begraven en begraven houden van een overledene.
asbus: een bus ter berging van de as van een overledene.
urn: een voorwerp ter berging van één of meerdere asbussen.
asverstrooiing: verstrooiing van as, alleen mogelijk op de verstrooiingsplaats.
verstrooiingsplaats: een permanent daartoe bestemde plaats op een gemeentelijke begraafplaats waarop as kan worden verstrooid.
grafbedekking: monumenten of gedenktekens of beplantingen die op het graf worden/zijn geplaatst.
gedenkteken: een grafsteen, liggende of staande zerk, sierurn, sluitplaat, of ander gedenkteken ter nagedachtenis van een overledene.
grafbeplanting: vaste- en winterharde beplanting welke door de rechthebbende, de gebruiker op een graf is of wordt aangebracht.