**1..** Indien de feitelijke dader onbekend is of onbekend gebleven is,
wordt de persoon tot wie de aangetroffen afvalstoffen kunnen worden
herleid, geacht te hebben gehandeld in strijd met de betreffende
bepaling in deze verordening.
**2..** Het bepaalde in het voorgaande lid geldt niet indien deze persoon
aantoont, dat door hem voldoende zorg voor het milieu in acht is
genomen.
**3..** De zorg, bedoeld in het tweede lid, houdt in ieder geval in dat een
ieder die weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat door zijn
handelen of nalaten nadelige gevolgen voor het milieu kunnen worden
veroorzaakt, verplicht is dergelijk handelen achterwege te laten
voor zover zulks in redelijkheid kan worden gevergd, dan wel alle
maatregelen te nemen die redelijkerwijs van hem kunnen worden
gevergd teneinde die gevolgen te voorkomen of, voor zover die
gevolgen niet kunnen worden voorkomen, deze zoveel mogelijk te
beperken of ongedaan te maken.
**4..** Het bepaalde in de eerste drie leden laat onverlet de uit het
burgerlijk recht voortvloeiende aansprakelijkheid en de mogelijkheid
van rechtspersonen als bedoeld in artikel 1, boek 2 van het
Burgerlijk Wetboek, om uit dien hoofde op te treden.
HOOFDSTUK 7
Artikel 25
Aansprakelijkheidsstelling
Onderdeel van Afvalstoffenverordening 2010 gemeente Amstelveen