7.1 Bekendmaking van het besluit
Het besluit van de commissie wordt binnen twee weken na de vergadering schriftelijk bekend gemaakt aan de aanvrager.
Het besluit bevat in ieder geval:
o de datum waarop het besluit genomen is en de datum van verzending;
o een omschrijving van de reden van aanvraag;
o het besluit van de commissie en de motivering;
o vermelding van de beroepsmogelijkheid zoals bedoeld in artikel 7.2.
Wanneer de aanvraag wordt toegekend, dan worden op het besluit de ingangsdatum van de urgentieverklaring en de periode van geldigheid van de urgentieverklaring aangegeven. Daarbij wordt ook melding gemaakt van de bepalingen die verbonden zijn aan gebruikmaking van de urgentieverklaring, zoals omschreven in artikel 7.4-7.7. Het besluit wordt ondertekend door of namens de voorzitter en door de secretaris. Een afschrift van het besluit wordt verzonden aan de corporatie, gemeente of derde partij, waar de urgentieaanvraag is ingediend.
7.2 Beroep/bezwaar
Tegen het besluit van de commissie staat beroep, dan wel bezwaar, open op de wijze waarop dit binnen de betreffende regio is vastgelegd. De termijn voor het indienen van het beroepschrift bedraagt zes weken. De termijn begint op de dag na die waarop het besluit bekend is gemaakt.
7.3 Administratieve verwerking van het besluit
De corporatie, gemeente of derde partij, waar de aanvraag is ingediend, ontvangt een afschrift van het besluit. Van een positief besluit wordt door de secretaris gelijktijdig met bekendmaking aan de aanvrager melding gedaan aan de corporatie, gemeente of derde partij, waar de urgentieaanvraag is ingediend. Wanneer aan verlening van urgentie voorwaarden zijn verbonden, dan ontvangen eventueel betrokken derde partijen ook een afschrift van het besluit.
7.4 Urgentieverklaring
Een urgentieverklaring is geldig voor de in de regio geldende termijn. De verklaring is geldig voor het totale regionale woningaanbod, behalve voor woningen die op grond hiervan zijn uitgezonderd voor urgent woningzoekenden. Een woningzoekende die in het bezit is van een urgentieverklaring reageert zelf op aangeboden woningen, tenzij bij de urgentieverlening anders is bepaald.
7.5 Verlenging geldigheidsduur urgentieverklaring
De woningzoekende met urgentie kan een verzoek indienen de urgentieperiode te verlengen met een binnen de betreffende regio geldende termijn. Dit verzoek moet worden ingediend gedurende de laatste maand waarin de urgentieverklaring geldig is. Het verzoek wordt ingediend daar waar ook de urgentieaanvraag is ingediend en wordt doorgestuurd aan het secretariaat van de commissie. De commissie neemt binnen twee weken na ontvangst een besluit. De al verleende urgentieverklaring behoudt zijn originele geldigheid, ook wanneer er aan het einde van die periode nog geen besluit over verlenging is genomen. De commissie betrekt in haar beoordeling van het verzoek om verlenging het zoekgedrag van de woningzoekende na de datum van het besluit tot verlening van deurgentieverklaring en neemt hierover contact op met de corporatie. Wanneer aan de woningzoekende al een passend aanbod is gedaan door de corporatie of wanneer de woningzoekende het woonprobleem op een andere manier had kunnen oplossen, dan kan het verzoek tot verlenging worden afgewezen.
7.6 Intrekking urgentieverklaring
De commissie kan besluiten tot intrekking van de urgentieverklaring wanneer blijkt dat deze op grond van onjuiste of onvolledige informatie is toegekend. Dit besluit wordt schriftelijk meegedeeld aan de woningzoekende en in afschrift aan de betrokken corporatie, gemeente of derde partij waar de aanvraag is ingediend.
7.7 Vervallen urgentieverklaring
Een urgentieverklaring vervalt door:
o het accepteren van aangeboden woonruimte;
o het anderszins vervallen van de noodzaak voor het verlenen van de urgentieverklaring;
o het overlijden van de houder van de urgentieverklaring.
Artikel 7
Gevolgen van de besluitvorming
Onderdeel van Reglement Urgentiecommissie Woonruimteverdeling