Naar hoofdinhoud
1. . De jeugdige en/of zijn ouder(s) dienen een aanvraag om een individuele voorziening schriftelijk in bij het college. 2. . Het college kan een ondertekend verslag van het onderzoek/1Gezin1Plan als bedoeld in de artikelen 1 , en 7 van deze verordening aanmerken als aanvraag als de jeugdige en/of zijn ouder(s) dat op het verslag hebben aangegeven. 3. . Heeft de aanvraag betrekking op een minderjarige die jonger is dan 12 jaar, of ouder is dan 12 jaar doch niet in staat is tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake, dan is niet de instemming van de minderjarige vereist maar van diens ouder(s). 4. . Heeft de aanvraag betrekking op een minderjarige die de leeftijd van 12 maar nog niet die van 16 jaar heeft bereikt, dan behoeft de aanvraag de instemming van zowel de minderjarige als de ouder(s), mits de minderjarige in staat is tot een redelijke waardering van zijn belangen ter zake. Weigeren ouder(s) in te stemmen met de aanvraag, dan zal het college de aanvraag toch in behandeling nemen als de jeugdhulp voor de minderjarige kennelijk nodig is teneinde ernstig nadeel voor de minderjarige te voorkomen, alsmede indien de minderjarige ook na de weigering van de toestemming door de ouder(s) de jeugdhulp weloverwogen blijft wensen.

Rechtspraak bij dit artikel