Indien een belanghebbende zich schuldig maakt aan een maatregelwaardige gedraging zoals omschreven in artikel 12 of 13, die niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van bijstand, wordt volstaan met het geven van een waarschuwing, als aan de belanghebbende gedurende de twee voorgaande jaren geen andere waarschuwing of maatregel op grond van hoofdstuk 4 is opgelegd.