Ter uitvoering van het bepaalde in artikel 2:88 APV zijn de volgende delen van het strand aangewezen als delen van het strand waar het verboden is om zich met een rij- of trekdier op te houden:
tussen afrit 1 en afrit 21 (zijnde globaal genomen het strand gelegen voor de beide boulevards) gedurende de periode van 1 maart tot 1 november;
tussen de rijksstrandpalen 75.000 en 74.000 (zijnde globaal genomen het strand ter hoogte van de Langevelderslag) gedurende de periode van 1 juni tot en met 31 augustus;
de op- en afritten met nummers 1 t/m 21, 24 en 27, gedurende het gehele jaar.