Steigers mogen omgevingsvergunningsvrij worden geplaatst wanneer:
de plaatsing niet langer duurt dan 14 opeenvolgende dagen;
een steiger niet wordt geplaatst op de rijweg, fietspaden of in het openbaar groen;
bij de plaatsing van een steiger op het trottoir minimaal 1 meter vrij is ten behoeve van het voetgangersverkeer;
een steiger niet wordt geplaatst op (afvoer- en riool)putten, deksels van ondergrondse brandkranen en riolen en afsluiters. Rond brandkranen moet een straal van minimaal twee meter vrij zijn;
in- en (nood)uitgangen van woningen, bedrijfspanden en dergelijke moeten bruikbaar en toegankelijk blijven;
een steiger aan de gevel is vastgemaakt, er geen uitzetsteunen worden gebruikt (minimaal 1 meter van het trottoir moet vrij blijven),;
een steiger wordt geplaatst op rubberen rijplaten of ander beschermend materiaal (ter voorkoming van beschadiging van de ondergrond);
de plaatsing van een steiger de bereikbaarheid van de nabije omgeving, of de doorgaande weg, door politie-, brandweer- en ambulancediensten niet belemmert;
de plaatsing van een steiger plaatsvindt in overeenstemming met artikel 5 Wegenverkeerswet, hetgeen inhoudt dat het verboden is om door plaatsing van een steiger gevaar of hinder te veroorzaken voor het verkeer op de weg en dat het niet is toegestaan om een steiger op een locatie te plaatsen waar het vrije uitzicht van het wegverkeer wordt belemmerd.