Artikel 28 van de wet regelt het in rekening brengen en vergoeden van invorderingsrente.
In aansluiting op artikel 28 van de wet beschrijft dit artikel het beleid over:
correctie berekende invorderingsrente;
vermindering terecht in rekening gebrachte invorderingsrente;
verzuim van de gemeente en invorderingsrente;
rente- of schadevergoeding;
kwijtschelding invorderingsrente niet mogelijk;
verminderingen en toepassing artikel 28, zesde lid, van de wet.
28.1.Cheque buitenland en invorderingsrente
Vervallen
28.2.Correctie berekende invorderingsrente
De ontvanger corrigeert de renteberekening als daarbij onjuiste gegevens zijn gebruikt. Dit geldt ook voor een belastingaanslag waaraan een nieuwe dagtekening wordt toegekend die leidt tot een ander aanvangstijdstip voor de renteberekening.
28.3.Vermindering terecht in rekening gebrachte invorderingsrente
Als de ontvanger als gevolg van een te late betaling terecht rente in rekening brengt, kan er slechts in uitzonderlijke situaties aanleiding bestaan die rente te verminderen. De ontvanger moet dan van mening zijn dat het niet tijdig voldoen van de belastingschuld niet kan worden verweten aan de belastingschuldige en bovendien dat de invordering van rente onredelijk en onbillijk is.
De ontvanger kan slechts naar aanleiding van een ingediend bezwaarschrift de verschuldigde rente verminderen.
28.4.vervallen
28.5vervallen
28.6.Kwijtschelding invorderingsrente niet mogelijk
Kwijtschelding van uitsluitend invorderingsrente is niet mogelijk. De ontvanger doet ook geen toezegging dat de rente niet zal worden ingevorderd. Dit laat onverlet dat de ontvanger kwijtschelding verleent of rente buiten invordering laat, als hij de hoofdsom kwijtscheldt of buiten invordering laat op grond van het bepaalde in artikel 26 van deze leidraad.
28.7.vervallen
28.8. Drempelbedrag
Rentebedragen van € 0,99 of minder worden bij een slotbetaling op een belastingaanslag niet in rekening gebracht.