Naar hoofdinhoud
De wet OKE vormt het wettelijk kader voor het onderwijsachterstandenbeleid. De wet OKE omvat feitelijk de volgende drie wetten: Wet kinderopvang; Wet op het primair onderwijs; Wet op het onderwijstoezicht. In de wet OKE staat dat de gemeente een aantal zaken geregeld moet hebben met betrekking tot voor- en vroegschoolse educatie: De peutervoorzieningen financieel toegankelijk houden binnen de wettelijke randvoorwaarden; Een voldoende en kwalitatief volwaardig aanbod van voorschoolse educatie; Toezicht en handhaving op de kwaliteit van het peuteraanbod en voorschoolse educatie; Het vaststellen van de doelgroep van vroeg- en voorschoolse educatie; Zich inspannen voor het bereik van alle doelgroepkinderen en zorgen voor een goede toeleiding van kinderen naar voorschoolse educatie; Het organiseren van een doorgaande leerlijn; Het stimuleren en ondersteunen van opbrengstgericht werken; Een effectieve interactie en een effectief gebruik van onderwijstijd door pedagogisch medewerkers en leerkrachten; De betrokkenheid en ontwikkeling van ondersteunend gedrag van ouders; Het maken van afspraken over de resultaten van voor- en vroegschoolse educatie; monitoring van de voortgang en verantwoording van de middelen.

Rechtspraak bij dit artikel