Naar hoofdinhoud
1.. Het is verboden zonder een daartoe verleende aansluitvergunning een aansluiting van een particulier riool op het openbaar riool tot stand te brengen of te wijzigen. 2.. Burgemeester en wethouders verlenen een aansluitvergunning alleen voor het tot stand brengen, in stand houden of wijzigen van een aansluiting tussen het particulier riool en de perceelaansluiting: voor de afvoer van stedelijk afvalwater exclusief hemelwater en grondwater naar het vuilwaterstelsel, indien ter plaatse een gescheiden stelsel aanwezig is; voor de afvoer van hemelwater en grondwater naar het hemelwaterstelsel, indien ter plaatse een gescheiden stelsel aanwezig is; voor de oppervlakkige afvoer van hemelwater via openbaar terrein als de openbare ruimte is aangesloten op een hemelwater(infiltratie)stelsel; voor de afvoer van afvalwater exclusief hemelwater en grondwater indien ter plaatse een drukriool aanwezig is. voor de afvoer van afvalwater en hemelwater indien ter plaatse een gemengd stelsel aanwezig is; 3.. Indien meer dan één aansluiting van een particulier riool op het openbaar riool tot stand dient te worden gebracht, alsmede wanneer meer dan één aansluiting dient te worden gewijzigd, is het eerste lid voor iedere aansluiting of wijziging afzonderlijk van toepassing. 4.. In de vergunning kunnen voorschriften worden opgenomen met betrekking tot: het tot stand brengen van de aansluiting; het onderhoud, de renovatie en de vervanging van de perceelaansluitleiding; de periode waarvoor de vergunning wordt verleend, indien een tijdelijke vergunning wordt aangevraagd; sloopwerkzaamheden op het perceel van de aanvrager, voor zover dit relevant is voor de constructieve staat van de aansluitleiding en/of de afvoer door deze leiding. 5.. De vergunninghouder is in geval van rechtsovergang verplicht om de rechtsopvolger te informeren over de voorwaarden die zijn verbonden aan de aansluitvergunning voor de aansluitleiding.

Rechtspraak bij dit artikel