Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4

Artikel 13

Voorrang bij woonruimte van bepaalde aard, grootte of prijs

Onderdeel van Huisvestingsverordening Krimpenerwaard 2021

1.. Bij het verlenen van een huisvestingsvergunning voor woonruimte met een huurprijs tot de tweede aftoppingsgrens geven verhuurders voorrang aan woningzoekenden met een huishoudinkomen dat recht geeft op huurtoeslag. Voor woningcorporaties gaan de toewijzingsregels op grond van de Woningwet voor op deze bepaling. 2.. Met inachtneming van het eerste lid geven verhuurders bij het verlenen van een huisvestingsvergunning voor een MIVA-woning voorrang aan huishoudens waarvan ten minste één lid een lichamelijke functiebeperking heeft en op medische gronden op een aangepaste woning is toegewezen. 3.. Met inachtneming van het eerste lid kunnen woningcorporaties en niet-toegelaten instellingen bij het verlenen van een huisvestingsvergunning op grond van aard of specifieke kenmerken van een woning voorrang geven aan een specifieke doelgroep passend bij deze aard of kenmerken. 4.. Het college kan woningcorporaties toestemming geven om met inachtneming van het eerste lid bij het verlenen van een huisvestingsvergunning woningen in specifieke complexen voorrang te geven aan specifieke doelgroepen. Bij de toestemming wordt vastgelegd om welke complexen en welke doelgroepen het gaat.

Rechtspraak bij dit artikel