**1..** Voorwerp van de belasting is een perceel.
**2..** Als perceel wordt aangemerkt:
**a..** de onroerende zaak, bedoeld in hoofdstuk III van de Wet waardering onroerende zaken;
**b..** de roerende zaak, welke duurzaam aan een plaats gebonden is;
**c..** een gedeelte van een in onderdeel b bedoelde roerende zaak dat blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt;
**d..** een samenstel van twee of meer in onderdeel b bedoelde roerende zaken of in onderdeel c bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde persoon in gebruik zijn en die, naar de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren;
**e..** het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel b bedoelde roerende zaak, van een in onderdeel c bedoeld gedeelte daarvan of van een in onderdeel d bedoeld samenstel.
Artikel 4
Zelfstandige gedeelten
Onderdeel van VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN RIOOLHEFFING 2021