1. De gemeente streeft ernaar om fraude te voorkomen (preventie). Daarom informeert de gemeente inwoners op een gepaste manier over rechten en plichten en over de gevolgen van misbruik en oneigenlijk gebruik van maatwerkvoorzieningen in pgb en zorg in natura.
2. Om oneigenlijk gebruik van de Jeugdwet en de Wmo te voorkomen, onderzoekt de gemeente, al dan niet steekproefsgewijs de doel- en rechtmatigheid van de verstrekte maatwerkvoorziening.
3. Als er onderzoek wordt gedaan zoals in het tweede lid, dan verlenen de inwoner en eventuele betrokkenen alle benodigde medewerking en informatie aan de gemeente.
4. Het onderzoek naar oneigenlijk gebruikte of ten onrechte ontvangen maatwerkvoorzieningen wordt gedaan door een toezichthouder.
5. De gemeente kan de Sociale verzekeringsbank gemotiveerd verzoeken te beslissen tot een gehele of gedeeltelijke opschorting van betalingen uit het pgb:
a. voor ten hoogste dertien weken als er ten aanzien van een inwoner een ernstig vermoeden is ontstaan dat sprake is van één van de volgende situaties:
I. de inwoner heeft onjuiste of onvolledige gegevens verstrekt en de verstrekking van de juiste of volledige gegevens zou tot een andere beslissing geleid hebben.
II. de inwoner voldoet niet aan de regels voor het pgb, zoals beschreven in hoofdstuk 4 van deze Verordening.
III. de inwoner gebruikt het pgb niet, of voor een ander doel dan waarvoor het bestemd is.
b. voor de duur van de opname als sprake is van een omstandigheid als bedoeld in artikel 8.1, tweede lid, onder d.
6. De gemeente kan nadere regels stellen ten aanzien van de invulling van fraudepreventie.
Hoofdstuk 8
Artikel 8.2
Fraudepreventie en controle
Onderdeel van Integrale Verordening Jeugdhulp en Wmo gemeente Houten