De bijstandsnorm wordt lager vastgesteld indien de gehuwden lagere algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan hebben dan waarin de bijstandsnorm voorziet, als gevolg van het geheel of gedeeltelijk kunnen delen van deze kosten met een ander.
De verlaging bedraagt indien in de woning van de gehuwden:
één ander zijn hoofdverblijf heeft: tien procent van het netto minimumloon;
twee anderen hun hoofdverblijf hebben: veertien procent van het netto
minimumloon;
cdrie of meer anderen hun hoofdverblijf hebben: twintig procent van het netto
minimumloon.
3Indien de belanghebbende aantoont dat een ander die zijn hoofdverblijf heeft in zijn woning, een inkomen heeft van minder dan vijftig procent van het minimumloon, telt die ander niet mee voor een eventuele verlaging van de toeslag als bedoeld in het tweede lid.
Hoofdstuk 1
Artikel 4
Criteria voor het verlagen van de bijstandsnorm of de toeslag
Onderdeel van Toeslagenverordening 2004